Glycemische Index (GI)
Er zijn langzame en snelle koolhydraten. Er wordt de snelheid mee bedoeld, waarmee glucose uit koolhydraten in het bloed wordt opgenomen. Dat wordt gemeten met de glycemische index (GI). Hoe langzamer de opname, hoe lager de GI.
Het is volgens koolhydratendiëten beter om te kiezen voor producten met een lage GI. Want daarmee heb je minder kans op overgewicht. Het is alleen een ingewikkelde materie, want niet alleen de hoeveelheid en de soort koolhydraten zijn van belang. De samenstelling van de hele maaltijd telt mee. Ook de manier waarop het is klaargemaakt.
In twee verschillende producten kunnen evenveel koolhydraten zitten, maar toch kan er in het ene product snellere koolhydraten zitten en in het andere langzame. Zo hebben cornflakes een hoge IG waarde. Ze worden snel in het bloed opgenomen. Peulvruchten hebben een langzame GI waarde. Ze moeten eerst in de darm afgebroken worden. Bananen en aardappelen hebben een hoge GI waarde. Daarom worden ze in een koolhydraatarm dieet bij voorkeur vermeden.
De GI waarde kan worden gemeten aan de hand van de bloedsuikerwaarden nadat een bepaald product is gegeten. De bereiding van het product heeft ook een bepaalde invloed op de GI waarde. Er wordt gemeten hoeveel glucose zich na twee uur bevindt in het bloed. Deze respons wordt uitgedrukt in percentages. Producten met een hoge GI hebben een GI waarde van 70 of hoger. Denk hierbij aan gebakken aardappels. Een lage GI waarde is een GI waarde van minder dan 55. Dat is de waarde van gekookte aardappelen bijvoorbeeld.
Copyright 2006 - 2012 - NewEgo B.V.